De Standaard



ALGEMEEN VOORKOMEN

Van alle honderassen vertoont dit ras de kleinste exemplaren; de bijzonder kleine afmeting is echter geen verontschuldiging voor enige mismaaktheid, onvolkomenheid of onevenwichtigheid in welk deel van het lichaam ook. Dit hondje wordt gewaardeerd om zijn gezelschap en waakzaamheid.

Het type wordt gekenmerkt door zijn grote appelvormige hoofd, korte snuit, grote uitstaande oren, opmerkelijk sprekende ogen en een stevige bouw, zonder enige aanduiding van tengerheid en zwakte.
Een compact en harmonieus gebouwde, krachtige, energieke en rappe hond. Fijngevoelig van aard, nieuwsgierig, waakzaam en levendig; zijn toewijding en genegenheid voor zijn "meester" maakt dat dit hondje zo opmerkelijk moedig is.
Enkele belangrijke kenmerken zijn:
De juiste verhouding van lichaamshoogte en lichaamslengte, een rechte en vlak liggende rug, middelmatige beenlengte, krachtig gangwerk, een hooggedragen staart en een levendige, onbevreesde uitdrukking. De aldus genoemde punten bepalen het algemene beeld van de chihuahua. Er zijn twee variëteiten: de kortharige en de langharige, die zonder onderscheidt met elkaar mogen worden gekruist; ze worden daarentegen wel apart gekeurd en ontvangen elk overeenkomstige certificaten.

LET OP! De FCI-standaard duidt aan dat de variëteiten onderling gekruist mogen worden. Hieraan worden echter door St. Hubertus en de Raad van Beheer wel aparte eisen gesteld. Hier kan men het mee eens zijn of niet, het is echter een feit waarmee we als fokkers in België en Nederland moeten leven.


GEWICHT

Tussen de 0,5 en 2,5 kg. Indien twee honden van gelijke kwaliteit zijn, zal de voorkeur aan de kleinste worden gegeven; daarbij maakt het geen verschil of het een reu of een teef betreft.

Fout: Boven de 2,5 kg, het gewicht van 3 kg mag niet worden overschreden (leidt tot diskwalificatie)


HOOFD

Het hoofd is uiterst belangrijk. Erg groot, maar in overeenstemming met het lichaam. Vlakke wangen en kaken.

Schedel
Appelvormig; erg breed, breder tussen de oren dan tussen de slapen. Het voorhoofd is breed en erg rond.
De oogholten moeten goed uit elkaar liggen. De fontanel, karakteristiek voor dit ras, behoeft niet aanwezig te zijn.

Stop
Zeer geprononceerd, diep en breed door de overgang van het gewelfde voorhoofd naar de snuit.

Snuit
Kort en recht. De snuit is breder aan de basis dan aan het einde. De onder- en bovenbelijning lopen bijna parallel, gematigd stomp. De snuit gaat langzaam over in een wat puntige neus die vlak ligt met de stop. Men ziet graag dat de belijning van de snuit van boven en voren af gezien als het ware in gehoekte vakken ligt.

Neus
Normaal, in grootte overeenstemmende met de snuit. Elke kleur is toegestaan.

Lippen
Goed gevormd en nauw aansluitend.

Tanden
Tang- of schaargebit.
Enige onregelmatigheid, evenals het ontbreken van een paar elementen ten gevolge van ouderdom, wordt getolereerd, mits de kaken goed geplaatst staan; een hond met een goed gebit verdient de voorkeur.

Ogen
Groot, rond, met veel expressie; goed uit elkaar geplaatst; vol, maar niet uitpuilend. De aanzet van de oren, het midden van de ogen en de basis van de stop liggen in één plat vlak. Alle kleuren zijn toegestaan; de robijnrode kleur van de ogen is een bijzonderheid van dit ras.

Oren
Grote uitstaande en rechte oren. Tamelijk laag aangezet, breed aan de basis tot flauw afgerond of puntig toelopend.
Aan de buitenzijde voelt het oor zacht en soepel aan en de beharing is fijn van structuur. In ruststand staan de oren onder een hoek van 45 graden.

Fouten
Smal hoofd, te weinig afgerond.
Ogen niet uit elkaar geplaatst. Zeer licht onder- of bovenvoorbijtend.
Diepliggende, kleine uitpuilende of amandelvor-mige ogen.
Zeer puntige oren, te grote oorschelpen, te hoog aangezette en rechtopstaande oren.
Aflopende neusrug in relatie tot het schedelvlak.

Ernstige fouten
Plat of driehoekig gevormd hoofd.
Geringe stop.
Lange en puntig toelopende snuit.
Onder- en bovenvoorbijtend gebit.
Zeer kleine, slappe of getipte oren.

NEK

Licht gebogen, van middelmatige lengte. Bij de reu mag de nek iets dikker (forser) zijn dan bij de teef, zonder afbreuk te doen aan het sierlijke uiterlijk. Een kraag wordt graag gezien, deze maakt de nek iets voller. De nek loopt geleidelijk over in krachtige en vlakke schouders.

Fout
Te korte nek.

Ernstige fout
Losse keelhuid.


LICHAAM

Zeer compact. Iets langer dan hoog (schofthoogte), ofschoon een korte rug vooral bij reuen wenselijk is. Een rechte en vlakliggende rug. Teven mogen langer zijn dan reuen om zodoende meer ruimte te geven aan de voortplantingsorganen en hun functies.

Romp
Lang, diep en ruimte gevend aan de organen (hart en longen). Goed geronde ribbenkast, breder in front. De onderbelijning van de borst (onderborst) ligt ter hoogte van de ellebogen.
De afstand van de onderborst tot de schoft is even groot als die van de onderborst tot de grond. De onderbelijning (van de buik) loopt gematigd op om de schijn van zwaarlijvigheid te vermijden. De croupe (plaats waar het kruisbeen overgaat in de staartwervels) ligt op gelijke hoogte met de rug. Het bekken is lang en vlak, bij teven overal even breed.

Fouten
Een karper- (ronde) rug of een doorgezakte rug.
Lichaam zeer lang en vlak (zonder rondingen).

Ernstige fouten
Lichaam mist breedte en diepte, hoepelachtig gevormde ribben (te rond).


VOORHAND

Droge, sterke schouders, goed gehoekt (45 graden). Goed ontwikkelde en aanliggende ellebogen, mooi onder de schouders liggend, met ruimte voor de beweging. Middelmatige beenlengte. Van voren gezien is het been van elleboog tot aan de grond één rechte lijn; van opzij gezien buigt het been flauwtjes in het polsgewricht. De voormiddenvoet is sterk en soepel.
Middelmatige botdikte van de beenderen (bone) in verhouding tot de compactheid van het lichaam.

Fouten
Te schuinliggende schouders (onjuiste hoeking), doorgezakte middenvoet; naar binnen of buiten draaiende voeten.
Smalle borstkas.
Benen te lang of te kort.

Ernstige fouten
Los in de ellebogen.
Kromme benen.
Frans staand (uitdraaiende ellebogen, nauw aansluitende middenvoet, uitdraaiende voorvoeten).
(Opmerking: Het uitdraaien van de ellebogen kan ontstaan door het vele springen van een hoogte of door erfelijke aanleg. In beide gevallen, is mijn ervaring, kan men door veel met de hond te wandelen trachten het euvel enigszins te verhelpen).


ACHTERHAND

Een gespierde en goed gehoekte achterhand, waarvan de beenderen lang zijn, voor zover de gewenste, middelmatige lengte van de benen dat toelaat. In vrije stand loopt de loodlijn, getrokken van de punt van de bil naar de grond, precies voor de hakken.

Hakken
Laag, lang, met goed ontwikkelde achillespezen. Van achteren gezien moeten de hakken goed uit elkaar staan, niet naar buiten of naar binnen gedraaid. De achtermiddenvoet (van hielbeen tot tenen) moet recht zijn en loodrecht naar beneden staan.

Fouten
Sterk hellend bekken, gebrek aan spiermassa.
Geen goede hoekingen.
Sikkelhak.
Overbouwd; te lange of te korte benen.

Ernstige fouten
Koehakkigheid.
Patella luxatie.
Heupdisplasie (HD).


VOETEN

Sierlijke (tengere) voeten, tenen goed uiteen geplaatst, maar niet gespreid. Ovaalvormig, geen haze- of kattevoet. Sterke en gekromde nagels. Goed ontwikkelde voetkussens.

Fout
Lange gespreide tenen.


STAART

Van middelmatige lengte, zeer hoog aangezet, afhankelijk van de stand van het bekken. De staart heeft de voor het ras karakteristieke platte vorm, breder in het midden dan bij de aanzet, naar het eind spits toelopend. Het platte van de staart wordt veroorzaakt door dwars uitstaande haren, die langer zijn dan die op het lichaam. De draagwijze van de staart is een in het oog vallend kenmerk: de staart wordt omhoog en vrolijk, maar nooit tussen de benen gedragen. De staart mag recht omhoog worden gedragen - zoals bij de brakken - of over de rug - zoals eekhoorn en hamster dat doen - of naar voren omgebogen, waarbij het topje van de staart net de rug raakt. De vorm, typische beharing en de draagwijze van de staart completeren het beeld van de Chihuahua en brengen evenwicht in het totaal.

Fouten
Laag aangezette staart.
Krulstaart, het topje van de staart onder de bovenbelijning, lage staartdracht.
Rattestaart (weinig beharing) en korte staart.


GANGWERK

Van achteren gezien moeten de achterbenen in nagenoeg evenwijdige vlakken liggen, waarbij de hoek van inval wordt vergroot naarmate de snelheid vermeerdert. De beweging uit de achterhand maakt een lange en soepele tred mogelijk. Er mag geen speling in de gewrichten zijn, die het rollen (van de rug) of de suggestie van zwakte teweegbrengt.
Van voren gezien bewegen de voorbenen nagenoeg evenwijdig. Wijd gaan met het uitdraaien van de voeten als ze los van de grond zijn (paddling), het zogenaamde breien of weven, en het uit-draaien van de ellebogen worden als fouten aangemerkt.
De rechte lijn van de schouder tot voet moet gedurende de beweging gehandhaafd blijven.
Tijdens de beweging mogen zowel de voor- als de achterbenen niet te dicht bij elkaar geplaatst worden (te nauw gaan), daar ze anders het vloeiende gangwerk zouden verstoren. Geen zijwaarts of krabbend gangwerk. Van opzij gezien toont de Chihuahua een stuwend gangwerk met een ruime tred. Het gaan als bij een hackneypaard moet achtergesteld worden. Het gangwerk moet de vrijheid van beweging mogelijk maken en moet elastisch en zonder inspanning verlopen, met een juiste coördinatie van de ledematen; de rug is daarbij recht, vlak, vast en in evenwicht. De beweging van de achterhand mag die van de voorhand niet verstoren.

(Opmerking: Het is overigens opvallend, dat de Chihuahua bij het gaan, of het nu snel of langzaam is, zijn benen en voeten heel nadrukkelijk neerzet, je hoort ze zelfs op een vloerkleed lopen, bepaald stil zijn ze dus niet.)


VACHT

Bij de kortharige variëteit is het haar glad, zacht en glanzend, en het ligt dicht tegen het lichaam aan. Een iets langere vacht wordt getolereerd, de aanwezigheid van wat ondervacht is wenselijk; bij de nek en op de staart langer, op het hoofd en de oren korter. Dun ingeplant haar op de keel en de buik is acceptabel. Elke kleurschakering en elk patroon is toegestaan.

Fouten
Haar wat lang nog kort is.
Golvend haar.

Ernstige fouten
Dun ingeplant haar over het hele lichaam.


DISKWALIFICATIES

Boven de 3 kg.
Hangoren, tiporen.
Bobtail of hangstaart.
Plaatselijke kaalheid.
Uitzonderlijke windhondachtige typen.


PUNTENSCHAAL

Algemeen voorkomen en type  15
Hoofd  20
Lichaam  15
Achter- en voorhand, ledematen, benen    15
Staart    5
Gangwerk  15
Karakter (temperament)  15
Totaal 100


DE LANGHARIGE CHIHUAHUA

De standaard van de langharige Chihuahua komt overeen met die van de korthaar, met dien verstande dat de vacht langer, fijner en zachter is. De vacht kan zowel sluik als licht golvend zijn; een ondervacht heeft de voorkeur.
Het haar op de voeten en de franjes (bevedering) achter de voeten, broek en achterpoten is langer. De staart is volbehaard en lang als een pluim.
Een forse kraag rond de nek ziet men graag en verdient de voorkeur. De uiteinden van de oren zijn vrij van lang haar; het haar op de oren groeit benedenwaarts dikker en langer, totdat het overgaat in de kraag. De beharing op het gezicht, hoofd, voorhoofd en de voorzijde van de poten is kort.

Fouten
Ruwe, borstelige beharing of beharing die te dicht aanligt op de huid. Dit laatste wordt veroorzaakt door te weinig ondervacht. Lang haar op de oortoppen, korte pluim aan de staart.

Ernstige fouten
Krulhaar.
Over het gehele lichaam te weinig lengte van haar.

Diskwalificatie
Lang haar op het gezicht.

Puntenschaal
Algemeen voorkomen en type  15
Hoofd  20
Lichaam  15
Achter- en voorhand, ledematen, benen    15
Staart    5
Gangwerk  15
Karakter (temperament)  15
Vacht  15
Totaal 115

(Opmerking: de langharige Chihuahua zal tussen de twee en drie jaar z'n volle vacht hebben. Teven verliezen hun vacht na een worp en het kan dan een half jaar duren voordat die zich hersteld heeft. Pups verliezen hun pupvacht tussen de vier en zes maanden, maar dat kan zeer verschillend zijn, afhankelijk van de familie waartoe ze behoren, de zogenaamde "bloedlijn").





Webdesign: R. Westerhoff